- €0als je met ons energieadvies niets bespaart
- 50+renovatiediensten waarvoor we offertes vergelijken
- 49gratis gidsen, geschreven voor Vlaamse woningen
- 1aanspreekpunt van eerste advies tot einde werken
Als je een woning met EPC-label E of F koopt in Vlaanderen, begint er automatisch een klok te lopen: de Vlaamse renovatieverplichting. Veel kopers horen dit pas nadat de notariële akte al getekend is — en schrikken dan van de termijn en de mogelijke boete. Hier is precies wat de verplichting inhoudt, hoeveel tijd je hebt, en hoe je een boete vermijdt.
Wat is de renovatieverplichting precies?
Sinds 1 januari 2023 geldt in Vlaanderen: koop je een woning of appartement met EPC-label E of F, dan ben je verplicht om binnen een bepaalde termijn te renoveren tot minstens EPC-label D. Dit staat los van of je zelf gaat wonen of verhuurt — de verplichting volgt de eigendom, niet de bewoner.
Sinds 1 januari 2026 werd de regelgeving versoepeld: de termijn ging van 5 naar 6 jaar na de datum van de authentieke akte, en er kwam een genuanceerder handhavingstraject voor wie de deadline net niet haalt.
Hoeveel tijd heb je precies?
De teller start op de datum van de notariële akte, niet op de datum dat je het EPC-attest zag of een bod deed. Je hebt 6 jaar vanaf die datum om je woning naar minstens label D te brengen. Verkoop je de woning binnen die termijn zonder te renoveren, dan neemt de nieuwe eigenaar de resterende termijn over — de klok reset niet.

Wat kost het je als je niet op tijd bent?
Wie de deadline niet haalt, riskeert een geldboete tussen €500 en €5.000, met meteen een nieuwe (kortere) hersteltermijn. Vlaanderen hanteert sinds 2026 een genuanceerder traject: wie aantoonbaar bezig is (bv. een aannemer al vastgelegd heeft, of wacht op een vergunning) krijgt eerder uitstel dan een boete. Wie helemaal niets onderneemt, loopt het grootste risico.
Wat telt mee als "renovatie tot label D"?
Er is niet één verplichte ingreep — het gaat om het eindresultaat op je EPC-attest. In de praktijk zijn dit de maatregelen die het meeste opbrengen per geïnvesteerde euro, in typische volgorde:
- Dakisolatie — vaak de goedkoopste en snelst terugverdiende ingreep, met het grootste effect op je label.
- Muurisolatie (spouw-, buiten- of binnenisolatie, afhankelijk van je gevel).
- Vloerisolatie, vooral bij een kruipruimte of niet-verwarmde kelder.
- Beglazing — enkel glas vervangen door hoogrendementsglas.
- Pas daarna, indien nodig: een warmtepomp of ander verwarmingssysteem.
Die volgorde is niet toevallig: isoleren verlaagt eerst je warmtevraag, waardoor een kleinere (en goedkopere) warmtepomp volstaat. Andersom werken — eerst een warmtepomp, dan pas isoleren — kost je vaak meer in totaal. Meer hierover lees je in ons artikel over de juiste volgorde.
Geldt dit ook voor mij als koper van een gewoon E- of F-label, niet enkel bij een "wrak"?
Ja. Veel kopers denken dat het enkel om zwaar verouderde panden gaat, maar een doorsnee rijwoning uit de jaren '60-'80 zonder recente isolatie zit vaak al op label E of F. Check dit dus altijd vóór je een bod uitbrengt — niet pas bij de akte.
Wat kan je nu al doen?
Als je een woning met label E of F net gekocht hebt of overweegt te kopen: laat in kaart brengen welke combinatie van ingrepen je het snelst en goedkoopst naar label D brengt, vóór je met aannemers in zee gaat. Dat voorkomt dat je een dure ingreep (zoals een warmtepomp) doet die minder oplevert dan een goedkopere eerst (zoals dakisolatie).
Weet je zeker dat je woning op tijd voldoet?
We brengen in kaart welke ingrepen je het snelst en goedkoopst naar label D brengen — onafhankelijk, zonder commissie van een aannemer.
Vraag een renovatieplan aan
